December 2015: een bemiddelaar vertelt: de beleving

Met de paplepel… spreek voor jezelf!

afb25De beleving van slachtoff er, dader, en ouder(s) van de minderjarige. Dat was de kern van de terugkomavond in september. Maar wie schrijft die? De betrokkene zelf? Of de bemiddelaar? En zo ja, schrijft hij/zij dat in de ik-vorm of de hij/zij-vorm?

Stukbijten doe je je tanden daar niet op. Maar een uitdaging is het alleszins. Want de belevingen vormen, naast de concrete afspraken over hoe het verder kan, de hoofdmoot van een overeenkomst.

We kregen een concrete oefening : een case waarin we de opdracht kregen om de beleving van een van de partijen uit te schrijven. Ik zat meteen te worstelen met de vorm. Schrijf ik dat als ‘ik’? Maar daar had ik het echt moeilijk mee: wie ben ik om de beleving van slachtoff er/dader/ouder in de ik-vorm uit te schrijven. Want mijn woordenschat, mijn zinsbouw, mijn woordkeuze, zijn toch niet die van de betrokkene? Zou die hier zeggen ‘ik kan’, of ‘ik mag’, of ‘ik moet’? Belangrijke nuances, toch?

Zelf heb ik tientallen interviews uitgeschreven voor krant en tijdschrift maar nooit voelde ik daar diezelfde bekommernis. Ik had dan uitgebreid notities genomen tijdens het gesprek en dan schreef ik die uit tussen aanhalingstekens of in de vraag/antwoord-vorm. Maar zo uitgebreid nota nemen tijdens een bemiddelingsgesprek? Dat lukt me niet. Want dan ben ik niet genoeg gefocust op het verhaal van mijn gesprekspartner – en op het verhaal en de emoties achter dat verhaal.

Deze training was trouwens de eerste keer dat ik voor dat dilemma stond. Want ikafb26 volgde steeds mijn Grote Voorbeeld. Ik herinner me nog hoe Dominique dat op kousenvoeten aanbracht: “Ja, Jaak, de beleving … ik doe dat heel anders dan de meeste collega’s. Jij moet zelf maar zien hoe jij dat doet. Maar ik laat daders, slachtoff ers en ouders altijd zelf die beleving op papier zetten. En ik neem dat ongewijzigd over. Met taalfouten en al. Want ik vind dat ik ze dan laat tonen wie ze echt zijn. Ook tegenover het parket en jeugdrechter.” (Ik merk nu dat ik zo’n beetje vanop afstand Dominiques woorden tussen aanhalingstekens formuleer, en trek meteen de conclusie: dit moet ik haar letter voor letter laten nalezen!!).

En dat was dus ook mijn bedenking tijdens die poging tot schrijven: wat ik hier nu intyp, moet ik uitgebreid laten nalezen door de participanten in dit bemiddelingsdossier. Ik moet echt vermijden dat hier iets staat waar ze niet achter staan. En ja, tegelijk ook de redenering: misschien schrijf ik hier Met de paplepel … spreek voor jezelf! iets wat ik hoop dat ze denken en menen, maar wat nooit uit hun pen zou komen. En ja, als ze dat lezen, vinden ze dat misschien wel mooi passen in hun dossier …

Toegegeven, de oefening was voor mij misschien wel extra moeilijk omdat ik nog nooit zelf een beleving had uitgeschreven. Ik deed wat mijn coach Dominique me met de paplepel had ingegeven: laat ze dat zelf neerpennen. Tijdens de observatiefase van mijn opleiding, had ik een paar prachtige voorbeelden gezien van wat de bemiddelden neerschreven: echt, vaak heel kort, maar raak.

afb27Een voorbeeld (namen zijn uiteraard fictief):
“Ik, Jonas vond de bemiddeling wel ok. Maar het is voor mij zeer moeilijk om het probleem uit mijn hoofd te krijgen. Ik wil wel maar ik durf niet met Pieter te praten. Als ik hem zie is de schrik in mij zo hard dat ik rillingen krijg in mezelf en in mijn lichaam juist alsof ik mij bevroren voel. De bemiddeling heeft mij wel geholpen maar nog niet alles is opgelost. Dat Pieter ook terug bij mij in het school zit, ligt nogal zwaar voor mij.”

Echt, dit had ik nooit kunnen schrijven voor dit slachtoffer. In geen jaren. De conclusie van de terugkomavond? Ongeveer iedereen ging naar huis met het idee: “Dit wil ik nu ook wel eens proberen!” Veel succes. En als het lukt, een daverend applaus voor ons lichtend voorbeeld bij deze aanpak!

Jaak

December 2015: generation 3000 wint prijs Jeugdzorg

Generation 3000 wint Prijs Jeugdhulp

afb22Je kon in onze nieuwsbrief al een aantal keren wat lezen over het Generation 3000 project in Leuven. Op 15 oktober 2015 ontving dit project van Alba en Arktos de Prijs van de Jeugdhulp 2015.

‘In de buurt van jeugdhulp / jeugdhulp in de buurt’ luidde het thema van de Dag van de Jeugdhulp 2015. Organisaties konden zich de voorbije maanden kandidaat stellen voor de Prijs Jeugdhulp. De jury beoordeelde de inzendingen op inhoudelijke uitwerking, mate van inzetbaarheid binnen de ruimere jeugdhulp en de wijze waarop het thema in de begeleidingsopdracht van de organisatie was geïntegreerd.

In Generation 3000 geven jongeren van 17 tot 25 jaar die een moeilijk parcours achter de rug hebben, hun leven een nieuwe wending. Ze doen dit door positieve acties op te zetten voor anderen in de buurt waar ze anders voornamelijk negatief worden bekeken.

Zo organiseerden ze een voetbaltoernooi, een zoektocht voor paaseitjes voor kinderen uit een achtergestelde buurt, en hadden ze een barbecuestandje op Levensloop waarvan de opbrengst naar de organisatie ging.

De jongeren komen vrijwillig samen. De vrijwilligheid zorgt voor een grote interne motivatie bij de jongeren en dat werkt. De jongeren geven zelf ook mee richting aan het project. Ze worden tijdens de bijeenkomsten uitgenodigd om zelf ideeën die ze zelf willen realiseren in de groep te formuleren. Indien voldoende jongeren dit een goed idee vinden, werken we dit samen met hen uit.

De groepsbijeenkomsten staan, naast het bedenken en uitwerken van acties, ook in het teken van vorming over bv. sociale vaardigheden, rijbewijs, drugs …. Tijdens individuele gesprekken kunnen jongeren nadenken over en begeleid worden bij de stappen die ze nog willen zetten op vlak van bv. werk of een woning zoeken.

Ondertussen bereikt het project een 20-tal jongeren rechtstreeks, waarvan een 10-tal jongeren op zeer regelmatige basis aanwezig is bij het bedenken en uitvoeren van activiteiten. Een kleine honderd jongeren namen al deel aan de georganiseerde evenementen.

We gaan voortdurend op zoek naar kansen om onze jongeren werkervaring te laten opdoen. Dit kan onder andere door mee te werken aan evenementen die georganiseerd worden door andere organisaties. De eventuele vergoeding die ze hiervoor krijgen, gaat naar de gemeenschappelijke kas om activiteiten mee te financieren. Zo hielpen een aantal jongeren reeds op een lokaal muziekfestival. Met de opbrengst zal een meerdaagse in de Ardennen georganiseerd worden.

afb23“Het project richt zich op ‘leiders’ met invloed op andere jongeren. “Wij hebben die jonge mannen foute manieren geleerd”, zegt David (19), één van de jongeren. “Nu is het ook onze verantwoordelijkheid om het goede voorbeeld te geven”

Ook de buurtbewoners reageren positief op de acties. “Mensen uit de buurt zijn blij dat er eindelijk iets georganiseerd wordt. Van de jongeren uit de buurt krijgen we vaak de vraag wanneer we opnieuw iets organiseren”, zegt Tim Vermeiren van Arktos.

Met het prijzengeld – een geldbedrag van 10.000 euro en een uniek kunstwerk – zullen we het project uitbreiden en de samenwerking met andere partners uitwerken. Nog meer acties in de buurt!

afb24

 

 

juni 2015: zomeraanbod DOB

afb21Regulier aanbod:
Vragen naar Time-Out en/of KET blijven welkom in de zomer. Ook de dagactiviteit in Biez blijft open op maandag, dinsdag en woensdag. Tot slot mogen kandidaten voor het onthemend werkproject in de Jura (van 27juli tot 27september) zich aanmelden tot eind juni.

GOED OM WETEN (1): onze dienst sluit tussen 22/7 en 7/8. Dan zijn we niet bereikbaar.

GOED OM WETEN (2): bij de start van het schooljaar (van 31/8 tot 9/9) kan er nog geen beroep gedaan worden op de dagactiviteit.

 

 

 

 

 

Extra zomeraanbod:

  • BZW–week in samenwerking met Cachet van 6 tot 10 juli in Biez (flyer volgt)
  • Een dans-workshop op 18 en 19/8 (van 10u tot 15u30) voor max. 6 kinderen van 9 tot 11 jaar te Herent. Via de wereld van dans leren kinderen hun lichaam, hun emoties, zichzelf en de ander beter kennen: bewegen, durven, er stààn, doorzetten,…
  • Open huis in Biez op 3, 17, 24 juli en op 21 augustus, telkens van 13 tot 16u. Wij zorgen voor het onthaal en een rondleiding op deze topplek. Jullie kunnen er de rest van de namiddag genieten met een groepje jongeren.

 

Interessant?

Reguliere aanbod: voor vragen of een aanmelding kan je steeds terecht op het nummer 016/84 67 33.

Zomeraanbod:

  • BZW-week: meer informatie volgt via een flyer
  • Dans-workshop: voor vragen of inschrijving kan je terecht op thalyssa.piot@alba.be . Na een mailtje neemt ze zo snel mogelijk contact met jullie op.
  • Open huis in Biez: via het nummer 016/84 67 33 kan je een namiddag in Biez reserveren. Snel zijn is de boodschap!

Uitkijkend naar de zomer alvast vriendelijke groeten,

Bert, Bart, Dagmar, Det, Jo, Ruth, Sophie, Stef en Thalyssa

Juni 2015: kiezels en druppels

Kiezels en druppels, een nieuw avontuur

afb19De dienst Ondersteunende Begeleiding gaf in het voorjaar een reeks “Kiezels en Druppels” gebaseerd op het Rots en Water- programma. Een open aanbod voor kinderen van 6 tot 9 jaar uit organisaties BJB van Vlaams Brabant.

Een enthousiaste bende kwam hier zes keer toe op het erf in Herent en ging aan de slag. Intussen bieden we – op vraag van de adviesgroep “ jonge kinderen” – dit programma aan op maat van vragende organisaties.

Binnen onze KET-trajecten, gaan we voor een duidelijke opstart, een krachtige activiteit, een transfer naar de dagdagelijkse leefwereld en een afronding op maat.

Hieronder zoemen we in op de manier waarop we een traject afronden: we kijken samen met de jongere en de betrokkene terug. We schrijven dan een persoonlijk verslag voor de jongere waarin we terugblikken op feiten, proces, indrukken van zijn/ haar traject binnen Alba. We geven het ‘kleur’ met een fotocollage. We vragen hen om hun tevredenheid, bedenkingen te formuleren en naar ons door te sturen.

Hieronder lees je een verkorte, aangepaste versie van een persoonlijk verslag:

Tamara, Uiterst verlegen kwam je hier de eerste keer aan. Een meisje van 8 met grote ronde ogen en hoog stemmetje. Je schreef je in voor onze eerste reeks ‘Kiezels en Druppels’ om samen met 5 andere kinderen spelenderwijs aan de slag te gaan rond weerbaarheid. Lovely wou vriendjes leren maken en Dylan wou minder snel boos worden. En jij wilde leren opkomen voor jezelf. Aan de hand van spelletjes en oefeningen leerden we stevig staan, rust en kracht in onszelf vinden, focussen, samenwerken en spelen. Sterk staan, daar werd je heel goed in. Het was mooi om te zien hoe je je eigen lichaam en jezelf beter leerde kennen. Je genoot zelf ook zichtbaar van die nieuwe kracht die je in jezelf ontdekte.

We leerden ook over rots – het doorzetten, grenzen aangeven, opkomen voor jezelf – en over water: zachtheid, het zorgende, en fl exibele. Je begreep snel waar Rots en Water om draaide. De tweede keer zei je: “Ik ben altijd Water.” Twee weken later, kwam je t-rots aan: “Ik was rots deze week want ik wilde mijn huiswerk niet maken.” Vanaf dan leerden we een andere Tamara kennen: je liet jezelf meer zien en experimenteerde volop met grenzen.

Je lievelingsoefening was ‘paardje’ waarbij je als Water het dier eerst verzorgde, en dan als Rots zelf paard was, of de ruiter die stevig bovenop het paard stond. In alle drie de rollen was je goed en vooral als ruiter kreeg je meer vertrouwen om mooi sterk te staan op je paard. We leerden ook ‘stop’ zeggen en grenzen aangeven. Dat was voor jou niet altijd gemakkelijk om dat goed Rots te doen.

Na 6 sessies, bij het afronden met een gezellig kampvuur, viel ons op hoeveel jij en de anderen bijgeleerd hadden. We horen van je begeleiding hoe hard ook zij de verandering opmerken. Hoe je wat je leerde, toepast in je dagdagelijkse leven. Hoe je plots niet meer dat onzichtbare meisje bent dat alles goed vindt.

Volgende week komen we nog eens bij jou in de leefgroep voor een sessie. Zo kunnen alle kinderen én de begeleiding eens proeven. Wij kijken er alvast naar uit!

Och ja, en mocht je nog kinderen kennen die Kiezels en Druppels willen? Zeg dan maar dat we er bij Alba klaar voor zijn.

Liefs
Dagmar, Sophie en Ruth

afb20

Juni 2015: generation 3000

afb15In onze nieuwsbrief van september 2014 kon u lezen hoe het project ‘Transit 3000’ vorm kreeg. Ondertussen gebeurde er heel wat. Van de stad Leuven en het Provinciaal Vereffeningsfonds kregen we financiële steun om verder te experimenteren met het project in 2015. ‘Transit 3000’ werd door de jongeren omgedoopt tot ‘Generation 3000’ en het project werd ingebed binnen de werking van Arktos vzw. Een structurele samenwerking met Alba vzw werd op poten gezet.

De groep jongeren breidde ondertussen ook uit. Een 20-tal jongeren tussen de 17 en 25 jaar vond reeds de weg naar ons project. Een 12-tal neemt op zeer regelmatige basis deel aan onze bijeenkomsten en activiteiten.

Een paar jongeren die betrokken waren bij de opstart van het project vonden ondertussen werk, startten een opleiding en hebben een andere constructieve tijdsbesteding gevonden. Zij komen sporadisch nog eens langs wanneer een activiteit wordt georganiseerd.

Verschillende van deze jongeren hadden in het verleden moeite om een positieve invulling te geven aan hun leven, maar willen hier verandering in brengen. Velen van hen haakten vroegtijdig af op school, maken geen gebruik van het reguliere vrijetijdsaanbod, brachten veel tijd door op straat en een aantal van hen zijn reeds in contact gekomen met politie en justitie. Nu kiezen ze er echter voor om een positieve plaats in de maatschappij in te nemen. Vaak worden ze echter geconfronteerd met vooroordelen en worden ze afgerekend op hun negatief imago. Generation 3000 biedt hen een kader om hun eigen plannen te verwezenlijken en zo de negatieve spiraal te doorbreken.

afb16Door de jongeren positieve acties te laten ondernemen, werken we niet alleen aan hun zelfbeeld, maar ook aan de manier waarop ze door anderen gezien worden. Zo willen we de stigmatisering waarmee ze soms geconfronteerd worden, ontkrachten. Bovendien kunnen ze een positieve voorbeeldfunctie vervullen voor jongeren die naar hen opkijken en de vicieuze cirkel van negatieve groepsdruk ombuigen. Daardoor kunnen ze de dynamiek doorbreken waarbij een jongere generatie het soms niet-constructieve gedrag van de oudere kopieert. Dat moet er onder andere toe leiden dat minder jongeren in de delinquentie terecht-komen.

Een aantal voorbeelden van de realisaties van de ‘Generation 3000’ jongeren het voorbije half jaar:

  • Desserts maken en uitdelen voor Poverello (dagopvang voor mensen in armoede)afb17
  • Organisatie van een voetbaltoernooi voor Leuvense jongeren in de krokusvakantie
  • Paaseitjes inzamelen en verstoppen voor kinderwerkingen van Leren Ondernemen en De Kettekeet (Sint-Maartensdal)
  • Helpen bij opbouw van Levensloop (benefiet voor de strijd tegen kanker) en uitbaten van barbecuestandje.
  • Vlotten bouwen voor vlottentocht Leuvense kinderwerkingen
  • Samen studeren voor theoretisch rijexamen
  • Ardennen-tweedaagse organiseren om de teamspirit te versterken en met het oog op het in de toekomst organiseren van een tweedaagse voor Leuvense kansarme jongeren.

afb18Op 17 juni werd een persmoment georganiseerd door het Provinciaal Vereff eningsfonds waarop het project werd voorgesteld. Ook enkele jongeren deden er hun zegje.

Rik

maart 2015: paardenkracht

Soms heb je bij DOB paardenkracht nodig…

Om onverwachte situaties bij een ontheming op te lossen bijvoorbeeld. Of om jongeren een tweede kans te geven als een staptocht “niet marcheert”.

En gelukkig hebben we dat ook in huis, die paardenkracht. Wel ja, niet echt in huis, en zelfs niet dichtbij huis, maar wel “weg van huis”… En wil het daar nu net over gaan bij ont-heming.

Mensen die ons al kennen van in het “oikotentijdperk” kennen ongetwijfeld Christel, rots in de branding, rustige vastheid, spontane vrolijkheid en altijd bereid om in een nieuw (Oikoten-)avontuur te springen.

Christel begeleidde al zeker 5 tochten voor ons en beproefde al zowat alle ongebruikelijke formules. Zoals daar zijn : begeleidster met jongen, koppel met meisjes, koppel met jongen en meisje (ook wel dubbel gemengd genoemd) en als kers op de taart een paardentocht door Frankrijk met 2 meiden en 4 paarden. De tochten, al dan niet met levensgezel Herman, brachten haar zelfs tot op de hoogste toppen van de Pyreneeën langs de GR 10. Uiteindelijk is ze daar in de buurt ook blijven hangen. Nu runt Christel in Frankrijk Domaine Raulet, een ranch met een twintigtal paarden. Kortom, een begeleidster met paardenkracht.

Enkele maanden geleden zat ik in zo’n situatie waarin ik dacht : “hier is paardenkracht voor nodig.” Ik zat namelijk met een “paardenkrachtige” meid, die vertrokken was op staptocht. Haar wil om haar leven een andere wending te geven was groot, maar het stappen viel haar zeer zwaar. Ze sloeg zich tandenbijtend door de voorbereiding en was vastbesloten haar staptocht tot een goed einde te brengen. Een foto van Christel’s paardentocht aan de muur deed haar oogjes blinken, maar dat was op dat moment niet aan de orde en Layla vertrok op staptocht. 3 weken later plots telefoon : de tocht loopt mank. Er is ook geen geloof dat het nog beter gaat lopen : veel telefoons en enkele dagen later staan de dames terug thuis.

afb13Dat zijn zo van die helse momenten in het leven van een projectverantwoordelijke maar nog meer natuurlijk voor de jongere en zijn familie en voor de begeleidster. De teleurstelling is groot. Een project biedt veel hoop bij de start maar als het dan niet loopt zoals verwacht is de wanhoop en teleurstelling eens zo groot. Op zo’n moment, als iedereen in zak en as zit, als alle hoop vervlogen lijkt en een onzeker vervolgscenario wacht, ben je verdomd blij dat je iemand als Christel kan bellen. Want dan, dan heb je paardenkracht nodig!

Ik zag het niet zitten om Layla – die er nog steeds het beste van wilde maken, die nog steeds overtuigd was dat ze haar leven een andere wending wilde geven – de carroussel van de crisishulpverlening in te sturen. Geen vervolg bij Oikoten wil zeggen geen voorziene plaats dus pakken wat je kan krijgen : 2 dagen hier, 2 dagen daar… eender waar er een plek vrij is. En ik geloofde erin dat we nog niet aan het Paardenkracht einde waren, dat in deze situatie paardenkracht het verschil kon maken.

En dus : “Hallo Christel, lang geleden… Hoe is’t? Seg Christel, een vraagske… zou jij ‘t zien zitten om een project te doen met een meisje? Euh, wanneer? Tja, zo snel mogelijk. En voor hoelang? Liefst 2 maanden. Hoe lang mag ik erover nadenken? Euh, 1 nachtje? Ok, ik bel je morgenmiddag…”

Twee dagen later zit collega Ruth met Layla in het vliegtuig naar Carcassonne.

En een dikke maand later zit ik zelf in het vliegtuig naar Carcassonne om samen met Layla’s mama op achterbanbezoek te gaan. In Carcassonne worden we ontvangen door 2 stralende dames en we rijden samen verder naar Raulet. Christel en Layla nemen ons mee naar de kudde wat hogerop in de weide. Het is een hele klim, maar eens boven onder een zalig herfstzonnetje en met een prachtig uitzicht, is het genieten. Prachtig om zien hoe Layla zich hier thuis voelt en hoe ze op haar gemak is bij de paarden. afb14Djanga, Maybell, Luna, Lona, favoriet Nicolai, … : iedereen wordt voorgesteld. Het is duidelijk dat Layla hier rust gevonden heeft en is kunnen openbloeien. Ze kan het goed vinden met Christel en heeft echt talent met de paarden. Voor Christel is ze een welkome hulp bij het trainen van de paarden, het begeleiden van wandelingen, het onderhoud van het domein,… Een positieve drive komt naar boven en opent nieuwe perspectieven voor Layla.

Mama geniet met volle teugen van deze onverwachte uitstap en van haar stralende dochter. Een dagje later zit ze zelf op een paard, voor het eerst sinds de kermis in haar kindertijd. Mama gilt, Layla giert, maar even later zijn we vertrokken. Voor een tochtje te paard met moeder en dochter, Nomad de hond en ezel Zoë in ons kielzog. Na een tijdje is iedereen wat meer op zijn gemak en we maken een mooie wandeling. In de verte zien we de besneeuwde toppen van de Pyreneeën. Layla daagt me uit voor een galopje… Ja, dat zijn van die hemelse momenten in het leven van een projectverantwoordelijke, en van ouders, en van jongeren…

Na afloop breng ik met Layla de paarden terug naar de weide. We berijden ze zonder zadel. Layla neemt de leiding. Ze is dit duidelijk gewend en giert het uit als de grote, sterke Nicolai niet wil stilstaan om mij te laten opstappen.

Een meid met paardenkracht…

Maart 2015: bemiddelen en français

afb10Net wanneer ik mijn rechterhand uitsteek, buigt hij licht voorover en toont zijn wang; maar dan herstelt hij zich en geeft me alsnog een hand. Je kan dit een non-verbale onwennigheid noemen in het menselijk verkeer zoals bij die ene kus op de wang van de ander terwijl die er 3 verwacht; dan zie je ook een refl exmatige beweging die abrupt – meestal licht gegeneerd – wordt afgebroken.

Bij mijn 2 andere huisbezoeken precies hetzelfde: de moeders geven me een hand maar de zonen neigen het hoofd naar me toe en verwachten duidelijk mijn mond en niet mijn hand. Zelf ben ik ook in de war. Bij mijn eerste huisbezoek had ik iedereen de hand geschud, zowel moeders als zonen; maar bij mijn tweede intrede hadden die zonen duidelijk iets anders verwacht; overigens niet alleen zij; in een aantal gevallen ook de jongere broertjes en zussen.

Een moeder ziet het woordeloze geklungel en geeft duiding: in Wallonië zijn de kinderen gewoon elkaar te ‘embrasseren’; het is een teken van vertrouwen; als ze argwaan of afstand voelen, zouden ze dat niet doen.

afb11Ik heb blijkbaar een goede en rustgevende indruk nagelaten na mijn eerste huisbezoek. Mijn nochtans warme en gemeende handdruk botste met de geplogenheden aan de andere kant van de taalgrens. Bij de dader blijft het bij een handdruk; zelfs bij het derde huisbezoek. Misschien omdat hij zich intussen heeft aangepast aan de andere omgangsvormen nu hij al een tijdje in Vlaanderen woont – de reden trouwens waarom hij als Franstalige toch naar de jeugdrechtbank van Leuven moet en BAL werd ingeschakeld. Meer waarschijnlijk is dat hij zelf onder spanning staat; het is niet de eerste keer dat hij in contact komt met de politie; er is die moeilijke worsteling met zichzelf; de opspelende puberhormonen; de invloed van zijn ‘foute’ vrienden en dan thuis de botsing met de strenge verwijtende vader en de bijna radeloze moeder. Het stereotype van de op zijn stoel doorgezakte opgeschoten puber die vooral veel zwijgt (“Il n’est pas bavard”, slingert zijn vader door de woonkamer) Een bemiddeling en français en wanneer hij toch iets zegt twijfel ik of het gaat om een niet onderdrukte maagoprisping dan wel een poging een zin over te brengen; een gebroebel met Franse ondertoon waar ik soms kop noch staart aan krijg.

Mijn ‘introduction’ had ik goed voorbereid. Lang geleden had ik in Brussel een dagje ‘médier en français’ gevolgd; het mapje boordevol geijkte uitdrukkingen en toepasselijke ‘vocabulaire’ had ik zorgvuldig bijgehouden en kwam nu goed van pas.

“La médiation est un processus de communication directe ou indirecte entre les parties concernées” Of : “Si la médiation débouche sur un accord, il est consigné par écrit et signé par les parties. Chaque partie en conserve un exemplaire; une copie est renvoyée aux instances judiciaires”.

Als je er in slaagt dergelijke volzinnen zonder teveel haperingen uit te spreken is dat alvast goed voor het zelfvertrouwen. Moeilijker wordt het wanneer er plots een onverwachte vraag komt of wanneer de vader genadeloos blijft inhakken op zijn intussen nog dieper doorgezakte zoon en je de noodzaak voelt tussenbeide te komen wil je de situatie niet hopeloos laten escaleren en nog enige bemiddelingsbereidheid bij de dader wil overhouden maar je niet meteen het juiste woord vindt. Toch is nooit de bemiddelingsdeur helemaal dichtgegooid; de schrik voor de jeugdrechter blijft een sterke motivator; dat geldt zowel bij Vlamingen als bij Franstaligen; het heeft weinig met cultuur of taal te maken maar lijkt wel een universeel gegeven.

Zo kwam het dat we op een woensdagnamiddag in een grote cirkel zaten in een lokaal van een school in Hannut; de feiten hadden zich afgespeeld tussen leerlingen onderling en in de marge van een schoolactiviteit. De drie jonge slachtoffers en een aantal ouders, aan de andere kant de dader, zijn vader en moeder en aan mijn zijde een tolk van PaSTa, de dienst van de provincie Vlaams-Brabant die, tegen betaling, tolken levert. De huisbezoeken alleen afwerken, dat zag ik nog zitten, maar een gezamenlijk gesprek in goede banen leiden, de standpunten samenvatten en op het juiste moment met het juiste woord gevat tussenbeide komen in de taal van Voltaire; dat was té hoog gegrepen.

afb12Heerlijk is het om enkele zinnen in je eigen taal te debiteren en die onmiddellijk in vertaling te horen. Gelukkig kon ik de gesprekken in het Frans voldoende volgen en was de omgekeerde vertaling niet nodig; dat zou de dynamiek en de flow van de gesprekken gebroken hebben.

Wanneer iedereen na het gesprek blijft nakaarten bij een koffie en een koekje weet je dat je goed zit; en alhoewel de jonge dader tijdens de bemiddeling nog altijd niet erg ‘bavard’ was en bij de koffie vooral zijn ouders aanwezig waren en hij in een hoekje zat af te wachten, trekken we ons op aan de stille hoop dat het hele gebeuren ook voor hem een betekenis heeft gehad die dieper en verder gaat dan het bezweren van de toorn van de jeugdrechter.

Er wachtte mij nog een lastige huistaak: het akkoord op papier zetten en er een vertaling bijvoegen. Vooral dat laatste was geen kattenpis (pisse de chat). Gelukkig woont er iemand in mijn straat die goed met Frans en Nederlands overweg kan. Toen hij mijn verbeterde Franstalige versie terugbracht ontpopte hij zich tot een volwaardige pedagoog: ik kreeg lof, complimenten en aanmoediging voor het gepresteerde vertaalwerk; alleen hier en daar ‘enkele verbeteringen’, zo klonk het. Mijn tekst bleek herschapen in één groot rood slagveld.

Maart 2015: Try-out

afb8Try-out’ is het nieuwe dagbestedingsproject van Alba in Brussel. Dit project ging in januari van start onder leiding van Thalyssa. Een stuurgroep van enkele Brusselse voorzieningen geeft mee vorm aan het project.

Thalyssa aan het woord:

Tot nog toe hebben we zes dagbestedingsdagen doorlopen en vier jongeren begeleid. Hieronder kan je het dagboek lezen van die eerste dagen. We beginnen de dag met een ochtendbijeenkomst, daar kijken we wie wat zal doen die dag. We eindigen met een avondbijeenkomst. Tijdens deze bijeenkomst overlopen we de dag waarbij we opschrijven wat we gedaan hebben.

Dag 1 (24/02): 2 jongeren
We zijn begonnen met het verkennen van de locatie (3 hangars op de Havenlaan onder beheer van vzw Toestand). Daarna maakten we samen een kennismakingsspel. Zo leerden we elkaar al wat kennen. We kunnen het spel nu met alle nieuwkomers spelen. Verder hebben we in elke hangar rondgekeken en uitgezocht wat we konden doen. De eerste hangar bestaat uit een lunapark, fotostudio, keuken en muziekstudio in de maak. De tweede hangar is een soort van houtatelier. De derde hangar noemen we de sporthangar. Er is een boksring en skategelegenheid. We hebben gebokst en houten bordjes gemaakt voor onze eerste dag ‘Try-out’.

Dag 2 (26/02): 2 jongeren
We spreken met een stagiaire van vzw Toestand af om een plantenbak te maken voor het moestuinproject waar zij aan werken. Eerst halen we houten paletten. Deze worden helemaal uit elkaar geklopt, geschroefd en getrokken. Eén van de gasten loopt hierbij recht op een spijker. Gelukkig was er geen al te grote schade. Daarna wordt de zaag er bijgehaald. Onze tijd was jammer genoeg te kort om de plantenbak helemaal af te werken.

Dag 3 (3/03): 3 jongeren
Vandaag verwelkomen we twee nieuwe jongeren. Eén jongere van vorige week heeft een werkplek gevonden en kwam afscheid nemen. We beslisten dat we gingen koken want niet iedereen had eten bij. We bekeken samen welke ingrediënten we nodig hadden, berekenden de prijs en twee jongeren gingen op stap naar de winkel. Ze kwamen op tijd terug en begonnen met het klaarmaken van spaghetti. Na het samen eten was er de afwas.
In de namiddag wilden de jongens gaan voetballen in de sporthangar. Na een uurtje vroeg het meisje van de groep om met hout te werken. Hiervoor moesten we in de andere hangar zijn. Toen we hiernaar toe gingen, gebeurde er in de sporthangar het eerste incident. Verschillende vrijwilligers en werknemers van de vzw Toestand kwamen me melden dat er een brandblusser was leeggespoten in de sporthangaar. Toen ik daar aankwam, stonden er een aantal mensen rondom de jongeren. Er ontstond een discussie. We hebben besloten deze discussie stop te zetten, de jongeren ergens anders heen te brengen en met hen een oplossing te zoeken. Eén jongere, die zich verantwoordelijk voelde voor wat er gebeurd was, stelde voor om de schade te komen opruimen. Dit heeft hij dan ook gedaan.

afb9Naar aanleiding van dit incident werden we geconfronteerd met het feit dat er nog andere organisaties de hangars benutten, waardoor we vanzelfsprekend rekening moeten houden met deze partners. Enkele mensen van deze organisaties zijn in eerste instantie tussengekomen in het incident. De jongeren vertelden een ander verhaal Try-out dan hetgeen zij geloofden. Hierdoor ontstond een verhitte discussie. Nu is het net dat wat onze jongeren, in de visie van ‘Try-out’, niet nodig hebben. Mijn idee over incidenten is om er over te kunnen praten met de jongeren, samen oplossingen te zoeken, maar er niet meteen hard tegen in te gaan. Dit maken ze op school vaak mee. Dit is dan ook één van de redenen dat ze even tot rust komen bij ons.

Na het incident werd er ook gevraagd steeds de groep samen te houden om de controle te bewaren. Dit maakt het moeilijker om de jongeren te laten kiezen en op maat van de jongere te werken. Het zou dan nuttig kunnen zijn om een stagiaire, vrijwilliger of tweede werknemer in te schakelen. We onderzoeken elke piste. Daarnaast kreeg ik te maken met het feit dat wanneer er iets kapot is in een hangar, er gebeld wordt naar mij om te melden dat ze vermoeden dat het onze jongeren waren.

Ondertussen hebben we nog eens samengezeten met vzw Toestand om onze visie verder toe te lichten en nog wat duidelijkere afspraken te maken. We zullen, eventueel met behulp van de jongeren, ons ook voorstellen aan alle partner organisaties van vzw Toestand. Op die manier zal iedereen onze visie en uitgangspunten misschien meer kunnen begrijpen en eventueel mee nastreven. Dit laatste is dan weer een voordeel van onze locatie, waar we met meerdere organisaties samenleven.

Dag 4 (12/03): 2 jongeren
Mooi weer vandaag. We hebben buiten gezeten. Ikzelf heb met hout gewerkt. Ik maakte een cadeau voor de verjaardag van mijn vader. De jongeren konden mij helpen wanneer ze daar zin in hadden. De jongeren hebben ondertussen ook gevoetbald en een constructie gemaakt om de muziekboxen buiten te laten werken.

Dag 5 (17/03): 2 jongeren
We hebben een langere ochtendbijeenkomst gehouden. Er werd gesproken over het invoeren van rollen. Iedereen kan vanaf nu aan het begin van de dag een verantwoordelijkheid krijgen. Aan het einde van de dag wordt gekeken of de verantwoordelijkheid al dan niet uitgevoerd is. Ook wordt er naar het verhaal geluisterd van de jongere, wiens rol niet vervuld zou zijn. We wilden koken. De jongeren gingen naar de winkel, maar kwamen een uur te laat terug aan. Ze hadden wel vijf keer gebeld om te verwittigen waar ze waren en waarom ze later zouden zijn. Ze haalden zelf aan dat ze volgende keer eerst de bus uren zouden opzoeken en een ‘uurregelaar’ zouden willen aanstellen om de tijd in het oog te houden. We maakten samen tiramisu en pizza. Ook vandaag was het warm en zijn we buiten gaan zitten. We gooiden wat met frisbees, luisterden naar muziek,…

Dag 6 (19/03): 3 jongeren
We begonnen de dag in het houtatelier. We maakten grote borden met ‘Try-out’ op om aan de muur te hangen. We zouden een hoekje krijgen in de eerste hangar, waar we dingen van onszelf kunnen ophangen en neerzetten. We maakten ook een vogelkastje, waar de jongeren met verf hun creativiteit lieten spreken. Als afsluiter hielden we een fotoshoot in de fotostudio.

Elke dag komen er nieuwe ideeën maar ook vragen naar boven. ‘Try-out’ is een project van elke dag opnieuw beginnen, proberen en in vraag stellen. Het is de bedoeling uit te proberen en te evalueren. Hieruit zal het project groeien en vorm krijgen. Hop naar een volgende dag vol nieuwe ervaringen…

 

December 2014

Voorwoord

Alweer een laatste nieuwsbrief van het jaar. Een bewogen en bevlogen jaar is het wel geweest.

Het zijn de donkerste dagen, maar volgens de radio ook de warmste dagen. Ergens is dat wel te voelen in de lucht, dat er een soort verbondenheid hangt. Allemaal verschillende mensen die op een of andere manier geraakt zijn en vanuit dat gevoel anderen willen helpen of steunen. We negeren even de niet te stuiten overconsumptiedwang die waar te nemen is in winkelstraten en supermarkten die uitpuilen van luxeproducten die de feestdagen net dat ietsje meer moeten laten sprankelen. Hoezo crisis?

December was een sociaal wat woelige maand in België, dat kunnen we misschien wel zeggen. Een aantal stakingsdagen die het land zo goed als lamlegden. Heel wat mensen die desondanks aan de arbeid gingen, want “werk genoeg aan de winkel”. Er is veel discussie geweest over het al dan niet zinvolle van staken. Is de staker symptomatisch voor de individualisering in de maatschappij, of juist een vaandeldrager van de solidariteit? Is het genoeg dat ieder in eigen boezem kijkt om zijn eigen ware intentie te kennen? Of is het enkel het zichtbare, meetbare, voelbare effect op de buitenwereld dat hier relevant is?

Omdat we niet zomaar met onze kop in’t zand kunnen doorwerken aan wat (vanuit onze visie) nu eenmaal moet gedaan worden, stonden we op 15 december met een klein ploegje van Alba mee in de wachtrij van het CAW in Leuven. Het was een frisse dag, maar er was warmte van daar samen te staan, samen geraakt door de maatregelen die ons als samenleving hoogstwaarschijnlijk staan te wachten. En er was ook lekkere soep.

Die dag waren er ook de hart/dverwarmende acties van de burgerbeweging die opkomt voor een warme en solidaire samenleving. Ik nam mijn dochters mee naar het bruisende hart van de beweging in Leuven. Ze genoten van een warme chocomelk en dansten en sprongen zich warm op de percussiemuziek van FabotàstiX. “Maar wat betekent dat eigenlijk mama, ‘Hart boven Hard’?” Op zoek naar woorden en beelden om die betekenis tastbaar te maken voor een achtjarige. Zij zijn de bron die ook morgen de kilte uit de samenleving moet halen/houden.

Zij zijn degenen die de gevolgen van de keuzes die nu gemaakt worden zullen moeten dragen. Laten we hen onderdompelen in een wereld van koesteren, delen, ondersteunen en omarmen. Opdat ze voelen waarvoor ze zullen moeten blijven vechten.

Alba gaat er alvast voor, in 2015! Maar eerst nog, en voor jullie allemaal:

afb7

 

Lees hier de volledige nieuwsbrief

September 2014

Voorwoord

Dit is een voorwoord! Wat is een voorwoord?

Of: Welk soort waarheid willen we daarin geschreven of gelezen hebben? We kunnen al beginnen met de objectieve waarheid in de vorm van een korte inhoud van hetgeen er in de volgende pagina’s te verwachten is, de nieuwsbrief in een notendop.

Zodus: een verslagje van een fi losofi sche babbel onder de bemiddelaars, het verhaal van de start van een nieuw project rond bemiddeling in de schoolomgeving, een fotoverslag van de korte en lange lopende projecten van de ondersteunende begeleiding, het relaas van een lokaal voetbalkampioenschap op de Leuvense Bruul, en een onderzoek naar de meerwaarde van dans voor maatschappelijk kwetsbare jongeren. Dat was alleszins geen harde noot om te kraken.

Een voorwoord is ook een plek om nieuwtjes kwijt te geraken die nergens anders een plekje gevonden hebben. Zoals bijvoorbeeld: in Knack verscheen een vraaggesprek met Wim Cuyvers, die in de Jura een berg vond en daar ook af en toe een plek biedt voor één van onze jongeren. Op Wim zijn berg staan 2 eenvoudige gebouwen die als het ware een soort openbare ruimte moeten vormen of bieden waar mensen even uit kunnen rusten. Het is er stil, rustig, eenvoudig, te midden van de natuur, zonder luxe… Voorbijgangers zouden al eens tegen Wim gezegd hebben: “monsieur, vous avez vraiment de la chance!”

Het geluk om een keuze te kunnen gemaakt hebben…

Zit de waarheid in dat geluk; of vindt je het geluk in het grijpen van die kans of in het loslaten van het overtollige, met minder tevreden te zijn, of in het vrij kunnen maken van die keuze,…?

Het is duidelijk dat er de komende legislatuur aardig zal worden bespaard; dat is het gevolg van een indirecte collectieve keuze die ieder voor zich in vrijheid kon maken. Vrijheid die niet blij maakt nu we het allemaal (of de meesten) binnenkort met wat minder zullen moeten stellen. Minder cultuur, sport, kindergeld, kinderopvang, woonbonussen, elektriciteit … Niet het soort minder waar de gemiddelde mens blijer of vrijer van wordt. Maar dat heeft er misschien mee te maken dat dit minderen ons weer beperkt in de beschikbare keuzes…afb4

Beschikbare keuzes die voor sommigen onder ons van in het begin toch al redelijk beperkt (lijken te) zijn. Je moet maar vanuit die positie vertrekken… In haar opiniestuk voor de Morgen van 10 september voelt Annelies Verhoeven zich mee verantwoordelijk voor de dood van een twintiger, omdat ze “te weinig haar mond open doet in het maatschappelijk debat”. Is dat dan niet een verantwoordelijkheid die we allemaal samen dienen te dragen? De verantwoordelijkheid om de vrijheid te nemen om onze mond open te doen?

Zonder vrees in je kracht gaan staan en de wereld laten zien waar je voor staat. Omdat je weet dat je de klappen die mogelijks volgen wel kan opvangen. Omdat je niet alleen staat.

Soms een moeilijke opgave, maar het is wat we telkens weer vragen aan de jongeren die bij ons binnen wandelen. En zo vaak doen ze dat zo mooi.

Marjan

 

Filosofisch café over Waarheid: een subjectieve impressie

afb5Op een zwoele zomeravond begin juli werd een vreedzame straat in een vreedzaam dorp opgeschrikt door een zootje ongeregeld dat druppelsgewijs één van haar bucolische tuinen begon in te palmen. Vanachter hun jaloezieën volgden de lokale inboorlingen deze overname argwanend, met enigszins verschrikte ogen. Wat was hier in vredesnaam de bedoeling van? Wat was het plan?

Het plan was dat de vrijwilligerswerking van BAL haar jaarlijkse filosofische café hield. En vermits de traditie het zo wil, vindt deze altijd plaats in een lommerrijke omgeving, te midden van het lover en niet gespeend van fora en fauna. Dit jaar waren we via collega Dirk en zijn connecties aldus in een fermette beland, in een klein gehucht waar doorgaans niet zo veel mensen bijeen leken te komen. En al zeker niet om te filosoferen. En al zeker niet over een thema als Waarheid.

Want daar zou het over gaan, over Waarheid. Wat het was, of kon zijn, en wat het was, of kon zijn, in het kader van bemiddeling. Want bemiddeling, daar doen we het uiteindelijk toch voor. Om wat op temperatuur te komen en inspiratie op te wekken (In Vino Veritas, Philippe wist het al), hadden organisatrices van dienst Miriam en Liesbeth een hele hoop hapjes en wijn laten aanrukken. We zouden er alleen maar wel bij varen, zo bleek later, want meermaals wierpen de kaasblokjes zich op als gedroomde symbolen of metaforen om één of andere filosofische stelling meer ‘body te geven’.

Na enkele onvermijdelijke mopjes (“de waarheid komt uit een kindermond” of “waar is Kris/is Kris waar?”) staken we van wal. Onze overpeinzingen en mijmeringen werden in ordentelijke banen geleid door de filosofische pennenstreken van kapitein Erik Claes, die vanaf de flipchart onze opwerpingen met milde doch strakke hand naar ongekende wateren modereerde en zo verhinderde dat onze oprispingen het filocafé al te zeer deden kapseizen. We leerden uit een inleiding dat filosofische cafés sinds enkele jaren helemaal in zijn en over de ganse wereld worden gebezigd, waarbij de filosofie vanonder het stof werd gehaald, ontdaan van haar elitaire jasje, bij pot en pint en hoera, er mocht ook gelachen worden.

Daarna werden we per 3 wandelen gestuurd om inspiratie rond ‘Waarheid en Bemiddeling’ op te doen. De tuin leende zich hier goed toe, al stootten we ook als snel op enige verwarring, en bleek de obligate vraag “Wat is waarheid” in zekere mate toch een varkentje dat we eerst moesten zien te wassen alvorens we ook theoretisch daadwerkelijk de hort op konden.

We hergroepeerden in een filosofische cirkel en probeerden de droesem van onze bevindingen op papier te destilleren, onderwijl voorzichtig nippend van glazen rode en witte waarheid. Uiteindelijk werd democratisch Filosofisch café over Waarheid: een subjectieve impressie besloten dat we het wilden hebben over de vraag “Maakt Waarheid vrij?”. Eerst zouden we deze vraag los van de box van bemiddeling behandelen om in een latere fase terug in the box te duiken.

Al snel kwamen we tot de som dat er verschillende soorten waarheid bestonden: de absolute (die we, bij gebrek aan magic mushrooms, die avond al snel zouden laten varen), de empirische (het oog wil ook wat), de intersubjectieve ( gedeelde betekenissen door een groep mensen) en de subjectieve (iemand is er rotsvast van overtuigd dat hij de zoon is van Elvis) Waarheid. Met dan de voor de hand liggende vraag of er een soort hiërarchie bestaat tussen deze verschillende waarheden. Er werden metaforen opgeworpen, stellingen geponeerd en opvattingen beargumenteerd, dit alles terwijl de avond viel en de krekeltjes begonnen te zoemen.

afb6Onderwijl trachten we de immer aanwezige hond des huizes, die als een bezetene onze filosofische kring afkwijlde op zoek naar worstjes en aandacht, wat te negeren. Tot op zekere hoogte lukte dit, al moesten we ons wel regelmatig laten gelden en schoot Kwinten net niet in een Spaanse colère omdat het traumatische litteken van een vroegere hondenbeet weer dreigde te worden opengereten. Wat later vroeg de dame des huizes of het onze maatschappelijke orde misschien ten goede zou komen als ze haar trouwe viervoeter achter slot en grendel hield. Aangezien het thema van de avond waarheid was, en we het er zo goed als eens over waren dat dit een na te streven goed betrof, antwoorden we in alle eerlijkheid dat dat misschien geen slecht plan was, waarop zowel het dier als de vrouw mokkend richting gesloten ruimte draafden. De waarheid maakt niet altijd vrij, we hadden het net geleerd in onze cirkel, en het mormel werd meteen ervaringsdeskundige van dienst.

Vrijheid dan, een begrip ook niet meteen van de poes. Is vrijheid een begerenswaardig iets? Iemand opperde tussen de borrelhapjes door, dat het misschien de afwezigheid is van angst en verlangen, een stelling die door een deel van de filosofen op goedkeurend gemompel onthaald werd, maar de wenkbrauwen van een ander deel deed fronsen. Het zou nog wel vaker gebeuren, maar het maakte er de boel niet minder geanimeerd op. Bovendien was een mopje nooit veraf. We kwamen min of meer overeen dat er min of meer 2 soorten vrijheden bestonden: vrijheid van iets (bv. van een kwijlende, aandachtszieke hond) en vrijheid voor iets (bv. vrij zijn om ‘s avonds ongestoord naar filosofische debatten te kunnen luisteren en al dan niet zelf iets op te werpen).

De cirkel was zo goed als rond, we keerden rustig terug naar de relevantie voor bemiddeling en terwijl het al bijna begon te schemeren werden de laatste kaasblokjes opgepeuzeld. Met het warme gevoel van een geïnspireerde inborst werd de cirkel terug opgebroken, werden de stoelen terug op hun plaats gezet en nadat we iedereen bedankt hadden, niet in het minst Erik Claes, de organisatie en de deelnemers, poetsen we de plaat, terug de wijde wereld in.

Kwinten

Lees hier de volledige nieuwsbrief